We besloten het museum in Halfrarfjorden te bezoeken. We stapten min of meer op de tast uit de bus en kwamen in een winkelcentrum waar het museum zich ongeveer 50 meter vandaan bevond. Daarmee was het geluk op, want het museum zou pas morgen zijn deuren weer openen. We kochten lekkere broodjes en namen de bus terug. Onderweg stapte een koppel kinderen onder leiding van een drietal wat oudere kinderen in de bus. IJslandse kindertjes zijn aanzienlijk gedisciplineerder dan de mij bekende Nederlandse exemplaren. Eerst lieten ze, daartoe overigens kordaat aangemoedigd door de leidster, de oudere reizigers insappen en vervolgens namen ze de resterende ruimte van de bus in beslag. Ook het uitstappen verliep ordelijk, zodat ik minister Rouvoet zou willen adviseren eens een paar dagen poolshoogte te nemen op IJsland.
Verder doen we het vandaag rustig aan. Hannie maakt nog even een wandeling: haar kuiten kunnen nog wel wat verdragen, de mijne zijn toe aan rust. Morgen moeten we om vijf uur met de bus naar het vliegveld, het vliegtuig vertrekt om vijf voor acht, dus dat zullen we wel halen. Ik zou het voor geen goud willen missen, dus ik ga vanavond maar op tijd slapen.
Hoera! Menno is bijna weer thuis ![]()
Je hebt zojuist de Nederlandse taal met een beeldend en bruikbaar woord verrijkt. Het insappen van ouderen is overigens een proces dat geheel autonoom verloopt en waar leidsters of andere initiatiefrijke personen zich niet over hoeven te bekreunen. In het pre-nicolaiaanse tijdperk heette het – dit voor de etymmologisch geïnteresseerden onder ons – uitdrogen.
@ Jan B: Jij hebt de Nederlandse taal ook verrijkt met een nieuw woord: check de correcte spelling van ‘etymmologisch’ even…
He, Menno, als jullie het niet leuk vinden daar, dan kan je ook gewoon naar huis komen, toch?
@Rietje: We vonden het soms leuk en meestal heel bijzonder daar. Toch zijn we teruggekomen.