Gisteren zat ik, door omstandigheden geheel alleen, in Eetcafé Spoorzicht in Koudum te werken aan een iets te ruim bemeten portie spareribs, toen een andere al wat oudere man de overigens lege eetzaal betrad. Het was mij aanstonds duidelijk dat hij tegen me zou gaan praten en toen hij een teugje van zijn oude klare had genomen zei hij: "Ik heb iets te vieren". Ik nodigde hem hartelijk uit mij deelgenoot te maken van zijn vreugde. "Mijn kanarie is Nederlands Kampioen geworden", vertelde hij met zichtbare trots. Om de één of andere reden heb ik altijd gedacht dat vogelhouders volkse mensen zijn, maar deze kanariefokker leek me meer een gewezen rechter, die zich had teruggetrokken in Koudum om zich in alle rust aan zijn liefhebberij te kunnen wijden. Alweer een vooroordeel geslecht. Inmiddels weet ik ook dat een topkanarie wel € 1.000,- kan opbrengen.
Hij vertelde me ook nog dat hij graag een tamme kerkuil zou hebben, om dan, met de uil op zijn schouder, het café binnen te lopen en te zeggen: "Een ouwe klare voor mij en geef Pallas maar een dode muis". Zo hebben we allemaal onze dromen.
Carmiggelt is niet dood.
Die kanarie doet me niet veel, maar een tamme kerkuil voor op je schouder lijkt me wel hip.
Ben het met Jan eens.
Dit is nou zo’n stukje dat ik laatst bedoelde, : Leuk. Gaat zo door. Ook op de andere “stukjeswegen” die je bewandelt